h

Energiearmoede (1): definitie en omvang

16 juli 2022

Energiearmoede (1): definitie en omvang

Foto: NCRV

Het begrip ‘energiearmoede’ werd al eerder gebruikt, maar werd een ‘hot topic’ toen iedereen met stijgende energiekosten geconfronteerd werd. Uit het nieuws komen al langer alarmerende berichten over falend beleid. Een aantal koppen spreken voor zich: “Energiearmoedebeleid moet beter: 'Houd rekening met mensen met kleine beurs’” (november 2020) "Ruim half miljoen huishoudens leven in ‘energiearmoede'" (september 2021) en "Steden trekken bij minister aan de bel over armoede door dure energie" (maart 2022). Als onderdeel van een actievoorstel deden wij een ‘mini-onderzoek’ naar het onderwerp, grotendeels gebaseerd op het lezen en bespreken van nieuwsberichten en gemeenteraadsbesluiten. Omdat het geen makkelijk onderwerp is, en er veel over te zeggen valt, is deze discussie opgesplitst in een uiteenzetting van subvragen. Deel 1: Wat is ‘energiearmoede’? Hoeveel mensen in Ede en Wageningen hebben ermee te maken?

 

Definitie

Volgens de studie ‘De feiten over energiearmoede in Nederland: Inzicht op nationaal en lokaal niveau’, uitgevoerd door het TNO en september vorig jaar gepubliceerd, is er sprake van energiearmoede “als huishoudens over een laag inkomen beschikken in combinatie met hoge energielasten dan wel een woning van energetisch onvoldoende kwaliteit”. Volgens de online Van Dale is energiearmoede “armoede die het gevolg is van sterk stijgende of gestegen energiekosten.”Hoewel dit duidelijk is, verhult deze term ook structurele armoede. Tim 'S Jongers benadrukt in een column in de Correspondent dat energiearmoede één van de vele armoedeproblemen is en beschrijft de benadering ervan als onderdeel van een trend die hij ‘armoede-taylorisme’ noemt, verwijzend naar hoe politiek bedrijven steeds meer lijkt op het runnen van een bedrijf. In dit ‘armoede taylorisme’

wordt het grote structurele probleem dat (dreigende) armoede is opgeknipt in verschillende behapbare [individuele/deel] armoedeproblemen, met elk hun eigen kenmerken. Het spreken over bijvoorbeeld energie-armoede, mobiliteits-armoede [transport] en bewegings-armoede [sport] krijgt dan de overhand op het grotere collectieve probleem dat (dreigende) armoede is. Het oplossen van dat deelprobleem moet een armoedeval voorkomen, maar intussen blijft het structurele probleem onderbelicht.

Energiearmoede heeft dus geen directe relatie met ‘inkomens’-armoede. Zoals het TNO rapport het formuleert;“Energiearmoede en inkomensarmoede hebben met elkaar te maken, maar vallen lang niet altijd samen…Ernstige energiearmoede is ruimtelijk veel geconcentreerder dan inkomensarmoede…Dat maakt gericht beleid per gemeente of regio eenvoudiger.”

Maar wat is dan inkomensarmoede? Hetzelfde rapport ziet inkomens-armoede

eenvoudigweg als het percentage huishoudens met een besteedbaar (netto) inkomen dat lager is dan 130% van het wettelijk sociaal minimum en een financieel vermogen dat bij de laagste 10% van Nederland hoort (p.21).

Misschien is het in de natuurwetenschappelijke benadering van het TNO wel allemaal ‘eenvoudig’ en efficiënt, het gaat wel om een groot aantal mensen die met veranderende situaties te maken, niet ‘eenvoudig’ in een bepaalde categorie met bijpassend beleid passen en zelf niet altijd in staat zijn dit allemaal uit te zoeken en regelen.

 

Omvang

Op dit moment gaat het om 550.000 Nederlandse huishoudens die in de categorie ‘energiearm’ vallen, zo’n 7 procent van het totaal (p.40). Dit is ongeveer de helft van het aantal inkomensarme huishoudens (p.21). Het TNO heeft een interactieve kaart ontwikkeld, hier te vinden, waarin op gemeente en wijkniveau te zien is hoeveel procent van de huishoudens zich in een situatie van energiearmoede bevindt.

Volgens deze kaart gaat het in Ede om 3,15% van de huishoudens en in Wageningen om 4,95%. In absolute aantallen gaat het in Ede om 1.888 huishoudens en in Wageningen om 1.353 . Deze percentages per gemeente worden dan weer gebruikt om geld vanuit de nationale overheid te verdelen voor gemeentelijk energiearmoedebeleid.

Om dit in een breder perspectief te zien: volgens de armoedemonitor Wageningen leven 1500 huishoudens van een inkomen tot 130% van het beleidsmatig minimum. Specifieker hebben we het dan over 2800 inwoners. Daarvan weten we ook dat er 970 huishoudens met problematische schulden zijn. Deze mensen kunnen niet wachten op compensatie, al is het maar een pleister, zoals wethouder Bosland benadrukte: "Veel van onze minima hebben sinds januari al een hogere energierekening, gemiddeld zo'n 110 euro per maand meer, waardoor hen het water aan de lippen staat. Wachten kan niet langer”. Daarom is Wageningen vorige maand al gestart met het betalen van een energietoeslag.

Brief

In een volgend deel kijken we kort naar het nationaal beleid, maar vooral ook gemeentelijk beleid in Ede en Wageningen. Omdat de aanpak van energiearmoede in Nederland zwaar te wensen over laat is een brief opgesteld door verschillende organisaties die u kunt ondertekenen. Deze brief is gericht aan de VN rapporteur voor het recht op huisvesting, meneer Balakrishnan Rajagopal. Hij komt op officieel werkbezoek naar Nederland van 9 tot 20 juni.

Reactie toevoegen

(If you're a human, don't change the following field)
Your first name.
(If you're a human, don't change the following field)
Your first name.

Plain text

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.

U bent hier